Vertaling van "bewys" in Nederlands

bewijs, teken, adstructie is die topvertalings van "bewys" in Nederlands.

bewys
+ Voeg

Afrikaans - Nederlands woordeboek

  • bewijs

    noun neuter

    Iets dat waarheid van een bewering of feit vaststelt.

    Jesus se getrouheid tot die dood toe het bewys dat ’n mens onkreukbaarheid teenoor God kan handhaaf.

    Jezus’ getrouwheid tot de dood bewees dat een mens loyaal aan God kon blijven.

  • teken

    noun neuter

    Dit is ’n bewys dat ons God se gees het.

    Het is een teken dat Gods geest in ons aan het werk is.

  • adstructie

  • Minder gereelde vertalings

    • getuigenis
    • blijk
    • getuigenverklaring
    • verklaring
    • attest
    • certificaat
    • getuigschrift
    • testimonium
    • wenk
    • merkteken
    • blijken
    • uitwijzen
    • bewijzen
    • aantonen
    • bewijsstuk
  • Vertoon algoritmies gegenereerde vertalings

Outomatiese vertalings van " bewys " in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Vertalings met alternatiewe spelling

Bewys
+ Voeg

Afrikaans - Nederlands woordeboek

  • wiskundig bewijs

Frases soortgelyk aan "bewys" met vertalings in Nederlands

  • wys
    aanduiden · aangeven · aria · betamelijk · deun · deuntje · een teken geven · geschikt · kenmerken · kiezen · laten zien · merken · tekenen · tentoonspreiden · toepasselijk · tonen · trant · uitduiden · uitkiezen · uitlezen · uitpikken · uitwijzen · verkiezen · verstandig · vertonen · vroed · wijs · wijze · wijzen
  • afkeuren · afslaan · afstoten · afwijzen · braken · ciseleren · heruitzenden · het oneens zijn · kotsen · nee zeggen tegen · ontzenuwen · overgeven · retourneren · spugen · terugbezorgen · terugdringen · terugsturen · terugwijzen · uitdrijven · verdrijven · verdringen · verduwen · vergooien · verjagen · vertikken · verwerpen · vomeren · weerleggen · wegdrijven · wegdringen · wegduwen · weggooien · wegjagen · wegstoten · wegwerpen · weigeren · weren · wraken
  • aanwijzen
  • aanhouden · afdanken · afmonsteren · doorsturen · doorzenden · heruitzenden · ontslaan · ontzetten · refereren · reflecteren · retourneren · royeren · spiegelen · terugbezorgen · teruggooien · terugkaatsen · terugsturen · terugwerpen · terugwijzen · uitdrijven · uitstellen · verdagen · verdrijven · verjagen · verschuiven · verwijzen · weerkaatsen · weerspiegelen · wegdrijven · wegjagen
  • Point-and-click adventure
  • uitwijzen
Voeg

Vertalings van "bewys" in Nederlands in konteks, vertaalgeheue