Vertaling van "druk" in Nederlands

drukken, aandrukken, persen is die topvertalings van "druk" in Nederlands.

druk
+ Voeg

Afrikaans - Nederlands woordeboek

  • drukken

    verb

    Die beamptes het herhaaldelik druk op hom uitgeoefen deur middel van lang besprekings op dieselfde trant.

    Herhaaldelijk zetten ze hem onder druk door ellenlang in diezelfde trant op hem in te praten.

  • aandrukken

  • persen

    verb

    Daarenteen word kokosmelk verkry deur gerasperde kokosvleis met water te meng en dan die vloeistof uit te druk.

    Kokosmelk daarentegen wordt verkregen door geraspt kokosvlees met water te vermengen en dan het vocht eruit te persen.

  • Minder gereelde vertalings

    • dringen
    • pressen
    • knellen
    • druk
    • knijpen
    • bijschuiven
    • opwinden
    • wegsluiten
    • verdichten
    • aaneensluiten
    • wegbergen
    • uitrekken
    • opbergen
    • insluiten
    • binden
    • spannen
    • bergen
    • opsluiten
    • strekken
    • nauwer aanhalen
    • aandringen
    • knuffel
    • klemmen
    • verhaasten
    • haasten
    • bespoedigen
    • accelereren
    • jachten
    • versnellen
    • tot haast aanzetten
    • urgent zijn
  • Vertoon algoritmies gegenereerde vertalings

Outomatiese vertalings van " druk " in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Vertalings met alternatiewe spelling

Druk
+ Voeg

Afrikaans - Nederlands woordeboek

  • druk

    adjective verb noun

    grootheid

    Druk net ’n knoppie en ’n skyfvormige robot spring aan die werk om jou vloere te stofsuig.

    U hoeft maar op een knopje te drukken en een schijfvormige robot begint uw vloer te stofzuigen.

Frases soortgelyk aan "druk" met vertalings in Nederlands

  • partiële druk
  • afdrukken
  • aandringen · aandrukken · aaneensluiten · accelereren · bergen · bespoedigen · bijschuiven · binden · dringen · drukken · haasten · insluiten · jachten · knellen · nauwer aanhalen · opbergen · opsluiten · opwinden · persen · pressen · spannen · strekken · tot haast aanzetten · uitrekken · urgent zijn · verdichten · verhaasten · versnellen · wegbergen · wegsluiten
  • beschrijven · betuigen · opperen · spelen · staan voor · uitdrukken · uiten · uitspreken · uitvoeren · vertegenwoordigen · verwoorden · voorspelen
  • standaardomstandigheden
  • Printers en beeldapparaten
  • opdrukken
  • compactcamera
Voeg

Vertalings van "druk" in Nederlands in konteks, vertaalgeheue