Vertaling van "bel" in Nederlands

klok, bellen, bel is die topvertalings van "bel" in Nederlands.

bel
+ Voeg

Afrikaans - Nederlands woordeboek

  • klok

    noun feminine
  • bellen

    verb

    Moenie haar nou bel nie.

    Bel haar nu niet op.

  • bel

    noun masculine

    Moenie haar nou bel nie.

    Bel haar nu niet op.

  • Minder gereelde vertalings

    • telefoneren
    • rinkelbel
    • schel
    • gaan
    • beieren
    • kleppen
    • schalmen
    • schellen
    • aanbellen
    • galmen
    • aflopen
    • klinken
    • overgaan
    • luiden
    • slaan
    • aanroepen
    • oproep
  • Vertoon algoritmies gegenereerde vertalings

Outomatiese vertalings van " bel " in Nederlands

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Frases soortgelyk aan "bel" met vertalings in Nederlands

  • aanbellen · aanroepen · aflopen · beieren · bellen · gaan · galmen · kleppen · klinken · luiden · opbellen · overgaan · schalmen · schellen · slaan
  • oorbel · oorring
  • inbel-
  • aanroepen · bellen · opbellen · telefoneren
Voeg

Vertalings van "bel" in Nederlands in konteks, vertaalgeheue